Vakbondsvoorzitter Suriname licht stevige uitspraken radio-interview toe
In een interview met het Surinaamse radiostation LIM FM doet Jerrel Mac Intosh, voorzitter van de Surinaamse vakbond ‘Bond Voor Alle Werkers’ (BVAW) een aantal stevige uitspraken over het werken in Nederlandstalige callcenters in Paramaribo. Zo heeft hij het over jonge kinderen die bij ontslag onder druk gezet zouden worden door werkgevers om een brief te ondertekenen over uitdiensttreding met wederzijds goedvinden, over werkgevers die zeggen dat ze een vakbond willen maar uit hun daden zou iets anders blijken en over eigenaren van callcenters die medewerkers bang zouden maken, intimideren en bedreigen met ontslag. Uiteindelijk valt ook de term ‘uitbuiting’.
Klik hier voor het volledige radio-interview. De inhoud van het interview werd door diverse media overgenomen. Het interview schetst een nogal ongenuanceerd en eenzijdig beeld over Nederlandstalig klantcontact in Suriname. Aan het einde van het interview geeft de radio-host ook aan dat dit interview eigenlijk een tegenreactie zou moeten krijgen. Omdat in andere media de kritische wedervragen aan de heer Mac Intosh ontbraken, hebben we contact met hem gezocht en onze vragen aan hem voorgelegd. Hij bleek bereid om onze vragen te beantwoorden.
Omwille van transparantie, de relevantie van het onderwerp en het faciliteren van het debat over dit onderwerp, publiceert Klantcontact.nl hieronder integraal onze vragen en de antwoorden van de heer Mac Intosh.
Aan het begin zegt Clifton Limburg dat de meeste callcenter medewerkers veel verdienen en in euro’s betaald worden. Dat is toch een mooie arbeidsvoorwaarde, zeker gezien de inflatie in Suriname? Waarom gaat u daar zo snel aan voorbij?
Op de eerste plaats heeft de presentator duidelijk gezegd ik dacht dat callcenters medewerkers veel verdienen. Want ze verdienen valuta. De mensen werken in de callcenters, omdat er niet direct passend werk is voor de medewerkers. Dan kiezen ze voor een job, omdat ze ‘s avonds een HBO- of universitaire opleiding gaan volgen. Dat werknemers geheel of gedeeltelijk in een sterke valuta worden beloond, kan inderdaad een voordeel zijn in een land dat te maken heeft gehad met inflatie en wisselkoersschommelingen. Mijn punt is echter dat de valuta waarin wordt betaald slechts één onderdeel van goede arbeidsvoorwaarden is. Ook de hoogte van het loon, de werkdruk, werkzekerheid, doorgroeimogelijkheden, sociale bescherming en de naleving van arbeidsrechten, zijn belangrijke factoren. Een betaling in euro’s of dollars neemt niet automatisch alle arbeid-gerelateerde zorgen weg.
Aan het begin van het radio-interview beweert u bijna 8.000 callcenter medewerkers te vertegenwoordigen. Op de vraag later in het interview naar hoeveel leden de BVAW werkelijk heeft, geeft u aan: “we hadden het streven van 750 mensen”. Maar hoeveel leden heeft de BVAW nu daadwerkelijk?
In het interview verwees ik naar de bredere groep werknemers in de Surinaamse callcentersector, waarvan wordt geschat dat deze uit ongeveer 8.000 medewerkers bestaat. Dat betekent niet dat al deze werknemers lid zijn van de BVAW. De BVAW vertegenwoordigt de belangen van werknemers in deze sector en organiseert hen om hun collectieve stem sterker te maken.
Wat betreft het ledenaantal van de BVAW: op dit moment telt de organisatie een honderden leden. Het eerder genoemde aantal van 750 is een organisatiedoelstelling. Ook bij ons gaan en komen er steeds nieuwe leden, omdat ze gaan en komen. Door het soort draaideur systeem dat bepaalde callcenters toepassen.
U geeft aan dat er bijna dagelijks mensen met ontslag worden gestuurd. Maar is dat niet normaal dat als er zoveel als 8.000 mensen in callcenters werken, dat er ook regelmatig mensen ontslagen worden?
In elke sector komen ontslagen voor. Mijn zorg betreft niet het enkele feit dat ontslagen plaatsvinden, maar de frequentie waarmee werknemers melding maken van beëindiging van hun dienstverband, de redenen die daarvoor worden gegeven en de wijze waarop procedures worden uitgevoerd. Dat zijn zaken die aandacht verdienen wanneer werknemers zich daarover zorgen maken. Voor uw informatie, de callcenters in Suriname nemen geregeld op maandbasis mensen in dienst. Dus werknemers gaan en komen bij de callcenters. Vind u dat niet vreemd? Waarom sluiten ze hun deuren in Nederland en worden elders in de wereld en ook in Suriname, callcenters geboren om gebruik te maken van goedkope arbeidskrachten? Gaat u op social media en kijk hoe ze naarstig op zoek zijn naar medewerkers.
U heeft het in het interview over “jonge kinderen”. Dat kan de schijn wekken van kinderarbeid. Maar in Suriname mogen mensen toch pas vanaf 18 jaar werken? Waarom wordt er dan met de formulering “jonge kinderen” de schijn van kinderarbeid gewekt?
Met de term “jonge kinderen” doelde ik niet op minderjarigen of kinderarbeid. In Suriname is kinderarbeid verboden en gelden wettelijke minimumleeftijden voor arbeid. Mijn verwijzing had betrekking op zeer jonge werknemers die vaak aan het begin van hun arbeidsloopbaan staan, bijvoorbeeld jongeren van 18 tot begin twintig jaar. Het was een informele uitdrukking en niet bedoeld om de indruk van kinderarbeid te wekken. Het zijn meestal medewerkers die net van de middelbare school zijn geslaagd,
Dat je niet leden voor de vakbond mag werven op de operationele werkvloer van een callcenter lijkt me om diverse redenen zeer logisch. Waarom bent u daar toch zo kritisch op? Als u tegen de wens van werkgevers binnen treedt, dan pleegt u toch huisvredebreuk? Waarom bent u zo activistisch in de werving van nieuwe leden van de vakbond?
De BVAW respecteert eigendomsrechten, bedrijfsregels en wettelijke voorschriften. Wij pleiten niet voor het ongeoorloofd betreden van bedrijfsterreinen. Tegelijkertijd erkennen nationale en internationale arbeidsnormen dat werknemers het recht hebben zich te organiseren en zich vrij aan te sluiten bij een vakbond. Men zegt: “je moet buiten leden werven”. Als we dat doen komen ze naar buiten en zeggen ze: “je mag niet hier staan”. Terwijl we buiten staan. Intimidatie op hoog niveau.
Onze kritiek richt zich niet op redelijke bedrijfsregels, maar op situaties waarin werknemers feitelijk geen mogelijkheid krijgen om kennis te nemen van hun rechten of in contact te komen met een werknemersorganisatie. Dat vinden wij dat het waarschijnlijk opzettelijk beperkt wordt. Waarom komt de Country Director van het grootste callcenter in Suriname naar buiten om de werknemers te zeggen: “Zeg ze hoe goed je het hebt, je hebt geen bond nodig. Wij doen veel voor je”. Dat waren zijn exacte woorden. Ik moet ook erbij vermelden dat bij zeker 3 callcenters men dat niet doet. Bij 2 heeft men ons zelf de gelegenheid geboden om binnen met de medewerkers te praten.
Als u meer controle van de arbeidsinspectie wil, en vind dat de arbeidsinspectie beter haar werk moet doen, moet u dan niet eerst naar de arbeidsinspectie, in plaats van naar een radiostation?
De BVAW brengt regelmatig signalen onder de aandacht van relevante instanties. Tegelijkertijd speelt het publieke debat een belangrijke rol in een democratische samenleving. Media kunnen bijdragen aan bewustwording van maatschappelijke vraagstukken. Het ene sluit het andere niet uit. We hebben het laatst onder de aandacht gebracht van de Vice-President van de Republiek Suriname de heer Gregory Rusland.
U neemt het woord ‘uitbuiting’ in de mond maar er wordt betaald boven minimumloon
Dat werkgevers boven het wettelijk minimumloon betalen en investeren in opleidingen, verzekeringen en andere voorzieningen, is positief wanneer dat daadwerkelijk gebeurt. Wanneer ik de term “uitbuiting” gebruik, dan doel ik op situaties waarin er naar onze mening een onevenwicht bestaat tussen de economische waarde die werknemers creëren en de beloning, bescherming of zeggenschap die zij daarvoor terugkrijgen. De werknemers hebben bij de callcenters ook recht op gratis koffie. Moeten we dan in de lucht springen hiervoor? Is er in Nederland geen koffieapparaat? Moeten ze betalen in Nederland hiervoor? We doen de medewerkers geen gunst door ze op de vrijdag een fruitbakje te geven.
Het is mogelijk dat bedrijven goede voorzieningen aanbieden en dat er tegelijkertijd ruimte blijft voor verbetering van arbeidsvoorwaarden. Kunt u me vertellen waarom de werknemers in Suriname die exact hetzelfde werk doen van hun collega’s in Europa, veel minder verdienen dan hun collega’s in Europa?
Als u zo negatief bent in de media, bent u dan niet bang dat opdrachtgevers zullen kiezen om hun offshoring in (Zuid) Afrika, Zuid – Oost Azië of elders op de wereld onder te brengen en werkgelegenheid weg te halen uit Suriname?
Ik ben niet tegen de callcentersector. Integendeel, ik zie de sector als een belangrijke werkgever voor Suriname. Het standpunt van de vakbond is dat duurzame groei het best wordt bereikt wanneer economische ontwikkeling hand in hand gaat met respect voor werknemersrechten.
Werkgevers, werknemers en overheid hebben gezamenlijk belang bij een stabiele, professionele en kwalitatief hoogwaardige sector.
U pleit voor een ruime verdubbeling van de lonen. In Duitsland is te zien dat de werkgelegenheid in de automobielindustrie sterk afgenomen is doordat de lonen te hoog werden. Bent u niet bang dat dergelijke stijgingen van loonkosten er ook voor zullen zorgen dat de werkgelegenheid verplaatst wordt naar andere landen op de wereld en de werkgelegenheid in de callcenters van Suriname zal afnemen als gevolg van de te hoge loonkosten?
Ik heb niet gepleit voor onverantwoorde loonstijgingen. Wat ik heb benadrukt, is dat lonen in verhouding moeten staan tot productiviteit, inflatie, winstgevendheid en de economische realiteit van werknemers.
Een gezonde sector heeft zowel concurrerende bedrijven als werknemers die een fatsoenlijk inkomen verdienen. Die balans moet voortdurend onderwerp zijn van overleg tussen sociale partners.
Bent u niet bang dat als de lonen in de callcenters nog veel verder stijgen, dat de verhouding in de Surinaamse arbeidsmarkt scheefgetrokken worden en mensen in maatschappelijk relevante beroepen als politieagent, onderwijzer of verpleegkundige zullen overstappen naar de callcenters, waardoor er een tekort aan politieagenten, onderwijzers en verpleegkundigen kan ontstaan in Suriname?
Arbeidsmobiliteit bestaat in iedere economie. Indien werknemers ervoor kiezen een sector te verlaten voor een andere sector, kan dat verschillende oorzaken hebben, waaronder loonverschillen, carrièremogelijkheden en arbeidsomstandigheden.
De oplossing ligt niet in het laag houden van lonen in één sector, maar in het versterken van arbeidsvoorwaarden in alle maatschappelijk belangrijke beroepen.
U wenst bijna een verdubbeling van de lonen. Ik las ook ergens dat leden 1% van hun loon zouden moeten afdragen aan de BVAW. Als de lonen verdubbelen dan verdubbelt dus ook de afdracht aan de BVAW bij een gelijkblijvend aantal leden. Is het streven naar een verdubbeling van het loon door de BVAW dan geen eigenbelang van de BVAW om haar eigen inkomsten te verdubbelen?
Vakbondscontributies worden gebruikt voor de financiering van dienstverlening aan leden, waaronder rechtsbijstand, belangenbehartiging, trainingen, organizers en organisatiekosten.
De inzet voor betere lonen komt voort uit de belangen van werknemers en niet uit een streven naar hogere inkomsten voor de vakbond. Indien werknemers beter verdienen, profiteren in de eerste plaats de werknemers en hun gezinnen daarvan. In Suriname is de vakbondscontributie al jaren vastgesteld op 1%. Zelfs werknemers in dienst van de overheid die SRD 20.000,- verdienen, betalen de 1% contributie. Trouwens dit is ook 1 van de zaken die de ene countrymanager zei aan de medewerkers. De bond wil 1% van jullie geld hebben. Als hij ze ontslaat, betaalt hij dan de jurist voor die medewerker? Neen toch. Met dat geld worden gemeenschappelijke projecten gedaan voor de leden. Bijvoorbeeld een stakingskas opbouwen. Rechtsbijstand verlenen aan leden. Bij grote mijnbedrijven in Suriname betalen medewerkers ook 1 procent. Dus ik weet niet over welk vermeend eigenbelang je hier spreekt.
U geeft in het interview aan geïnstrueerd te worden door de Nederlandse FNV. De FNV wordt in Nederland inmiddels niet altijd meer overal serieus genomen vanwege het niet-transparant zijn over de omvang van de FNV-achterban en de constante stroom van negatieve berichtgeving over de sector in de landelijke media. Bent u niet bang dat het overnemen van een dergelijk uitgesproken insteek, afbreuk doet aan uw geloofwaardigheid als volwaardig gesprekspartner in Suriname?
De BVAW is een zelfstandige Surinaamse vakbond en bepaalt zelfstandig haar standpunten en strategie. Internationale samenwerking met organisaties zoals de FNV is gericht op kennisuitwisseling, training en capaciteitsversterking. De BVAW heeft behalve het FNV ook andere partners.
Onze standpunten zijn gebaseerd op de situatie van werknemers in Suriname en worden niet door buitenlandse organisaties voorgeschreven. Kritiek of waardering voor andere organisaties verandert niets aan onze verantwoordelijkheid om de belangen van werknemers in Suriname onafhankelijk te behartigen.